Geestelijke gezondheidszorg

Ziekenhuis, beschut wonen,
mobiel team, activering...

Nieuws 07/11/2019 - Ouderenzorg

OLV Ster der Zee vrijwilligster Noura Mazeed (16) in de schijnwerpers

Nieuwsbericht lezen
Nieuws 23/10/2019 - Algemeen

Eeuwenoud orgel volledig gerestaureerd

Nieuwsbericht lezen

‘Dankzij psychotherapie heb ik mijn gedachtepatroon kunnen doorbreken’

Lees de getuigenis van Jan
Geestelijke gezondheidszorg
Geestelijke gezondheidszorg

‘Dankzij psychotherapie heb ik mijn gedachtepatroon kunnen doorbreken’

Intensieve therapie bij De Verdieping hielp Jan (31) om zijn angsten beter te beheersen. Een steen die hij zelf vormgaf staat symbool voor de weg die hij afgelegd heeft. ‘Ik leerde weer voelen en verbinding maken met anderen.’

Ik zou mijzelf omschrijven als een zeer angstig persoon. Er hoeft maar iets kleins te gebeuren en ik kantel helemaal naar de negatieve kant. Negatieve gedachten gaan over in angsten, die me volledig kunnen blokkeren, en zelfs tot een diepe depressie kunnen leiden. Daarom ga ik zaken vermijden, niet alleen de kleine maar ook de belangrijke dingen in mijn leven.

Alles ‘on hold’

Op aanraden van mijn psycholoog ben ik terecht gekomen bij De Verdieping. Ze zei: ‘Jij zit met zoveel angsten, zodanig dat je je afsluit en therapie bij mij niet meer volstaat. Ik denk dat jij intensievere therapie nodig hebt om hier uit te kunnen geraken.’ Daar moest ik even over nadenken, want dat hield in dat ik alles ‘on hold’ moest zetten, met ook financiële gevolgen. Maar in feite kon ik geen kant meer op. Mijn angsten sloegen zo op mijn lichaam, dat ik zelfs niet meer kon opstaan uit mijn bed. De effecten leken op die van een burn-out. Ik had geen andere keuze dan intensieve therapie te volgen, vier dagen per week.

Het moment dat ik hier startte, had ik het heel moeilijk. Er raasden zoveel negatieve gedachten door mijn hoofd, dat ik daar op vastliep. Daardoor was ik kwaad en gefrustreerd. Ik sloot mij af van alles en iedereen. Voor de andere groepsleden voelde ik geen empathie. Ik gaf feedback op hun verhalen die heel hard aankwam, wat tot confrontaties leidde met de groep. Eigenlijk zette ik een masker op, puur om te kunnen overleven.

Tastzin

Het is het idee geweest van de creatieve therapeute om aan de slag te gaan met een speksteen. Ze zei: ‘Een steen vormgeven vraagt veel aandacht en voeling, en focus op je tastzin. Zo ben je gewoon aan het doen in het hier en nu, in plaats van met je hoofd te zijn in het verleden of de toekomst.’ Ik had er niet veel hoop in. Beeldende therapie botst heel fel met mijn persoonlijkheid. Ik hou van regels, orde, structuur. En bij beeldende therapie mag het was losser zijn en ‘out of the box’. Toch ben ik begonnen aan die steen. En het heeft me eigenlijk verrast welk effect dat had op mij.

Ik wou de steen zo vormgeven dat mijn eigen hand erin paste. Wekenlang heb ik hem bewerkt met een vijl. Telkens een stukje afschuren en dan voelen welk effect dat had. Nog eens schuren, kijken of de vorm al wat ronder werd en of mijn vingers erin pasten. Dat proces bracht iets teweeg binnenin mijzelf. Langzaam maakte mijn ratio ruimte om emotie toe te laten en leerde ik om die twee in balans te brengen. Ik leerde weer voelen en een langdurige verbinding aangaan, ook al was dat maar met een steen. Dankzij de steen kon ik me ook openstellen naar de groep toe. Ik begon meer en meer empathie te voelen voor de anderen en kon verbinding maken. Dat is echt iets wat ik nooit verwacht had. Ook het thuisfront merkte het verschil.

Als perfectionist was het heel moeilijk om te beslissen wanneer de steen klaar zou zijn. De therapeute heeft daar een klein beetje in gestuurd zodat ik het kon afronden. Iets dat deel van jou is, moet je niet blijven afschermen. Je moet het leren loslaten en een plaats geven. 

Bij de les

De steen symboliseert het proces dat ik hier heb afgelegd. Als ik hier stop, neem ik hem mee naar huis. Als herinnering en om me bij de les te houden. Ik wil niet meer terug naar hoe ik vroeger was. Ik ben niet volledig veranderd, het negatieve denken blijft een deel van mij. Maar ik ga er wel anders mee om. Ik heb hier geleerd wat angsten met mij doen en om bewust te zijn van zaken die angsten creëren. Een belangrijke les die ik meeneem is dat ik ervoor moet zorgen dat de dagelijkse stress en verwachtingen me niet mogen afleiden van mijn gevoel. Elke dag moet je een moment nemen waarop je stilstaat bij jezelf en nagaat hoe je je voelt. En als je je slecht voelt, hoe je dat kunt veranderen of ombuigen. 

Het belangrijkste wat ik hier ervaren heb, is dat ik heb vastgesteld dat je als persoon kan evolueren, en er iets moois van kan maken. Dankzij de psychotherapie heb ik mijn gedachtepatroon kunnen doorbreken. Ik denk nu anders, gedachten die meer helpend zijn voor mij. Ik besef nu dat als dingen niet goed gaan of als ik bots met anderen, ik eerst even naar mezelf moet kijken.

Leren vertragen

Volgens mij zou iedereen er baat bij hebben om naar hier te komen. Ook als je geen psychische kwetsbaarheid hebt. Om te leren vertragen, enkel dat al. We zijn allemaal in essentie hetzelfde. Iedereen heeft het af en toe wat moeilijker in het leven. Sommigen kunnen dat moeilijker dragen dan anderen. Door het groepsgebeuren hier, de spiegels die me zijn voorgehouden, de confrontaties die ik tegenkwam, heb ik op korte tijd heel veel over mijzelf bijgeleerd. Ik denk dat veel mensen daar baat bij zouden hebben: om eens stil te staan bij zichzelf en zich af te vragen: wie ben ik?

Geestelijke gezondheidszorg

‘Dankzij mijn omgeving heb ik weer zin gekregen in het leven’

Mijn verhaal begint op mijn 32ste, toen ik gedwongen opgenomen werd in een psychiatrisch ziekenhuis. In mijn hoofd was er niets aan de hand, maar ik bevond mij midden in een psychotische fase.

Daarvoor was er erg veel veranderd in mijn leven, op korte termijn. Ik had gebroken met mijn partner en daardoor verslechterde het contact met mijn familie, omdat die mijn keuze niet begreep. Ik ging alleen wonen in een stad waar ik niemand kende. En op mijn werk, waar ik leiding gaf aan vijf vrouwelijke collega’s, heerste er een roddelcultuur die mij enorm veel stress gaf. Stilaan begon ik moeilijker te functioneren. Ik kreeg last van waangedachten, maar verborg die voor mijn omgeving. En dan werd ik ook nog eens verliefd.

Tijdens een reis naar Turkije verergerden de wanen en brak de psychose volledig door. Tijdens heldere momenten had ik gelukkig contact met andere Belgische vakantiegangers. Dankzij hen ben ik veilig en wel terug in België geraakt. Eenmaal thuis was het voor mijn omgeving meteen duidelijk dat er iets ernstigs aan de hand was met mij. Ik was verbaal agressief en was niet de Liesbet die zij kenden. Mijn vrienden hebben toen mijn ouders gecontacteerd om mij gedwongen te laten opnemen.

Lotgenoot als spiegel

Dat was een verschrikkelijke ervaring. Ik werd van mijn vrijheid beroofd en in het begin legden de zorgverleners mij niets uit, omdat ze dachten dat ik het toch niet zou vatten. Ik bood heel veel weerstand, maar ik nam wel altijd mijn medicatie. En het contact met lotgenoten op de afdeling betekende enorm veel. In hen had ik vertrouwen, en dankzij hen heb ik ziekte-inzicht gekregen. Zo was één patiënt als een spiegel voor mezelf, omdat hij eenzelfde ziektebeeld heeft als ik. Nog altijd ben ik met  twee lotgenoten van toen goed bevriend. Van hen neem ik veel gemakkelijker dingen aan, omdat ze weten wat het is om psychisch kwetsbaar te zijn en omdat ze me gekend hebben in mijn slechtste periode.

Na mijn ontslag uit het ziekenhuis ben ik nog een half jaar in dagopname gebleven. Ik vond nieuw werk en begon te daten. Zo ontmoette ik mijn huidige man Wout. Twee weken nadat we elkaar leerden kennen, heb ik hem verteld dat ik psychosegevoelig ben. ‘Oh, is het dat maar’, reageerde hij. Wout was opgelucht omdat hij vooraf vreesde dat ik met hem wou breken. Door die openheid van in het begin is onze relatie kunnen groeien in alle vertrouwen. Ik heb echt veel geluk gehad met Wout.

Stigma bemoeilijkt herstel

Om te herstellen heb ik vele jaren nodig gehad. Ik was een stuk van mijn identiteit kwijt. Door het ingrijpende van wat gebeurd is, door de medicatie die ik moest nemen en doordat ik niet langer een job volgens mijn diploma kon uitoefenen. Wat herstel ook bemoeilijkt, is dat er een stigma rust op mensen met een psychische kwetsbaarheid. Veel mensen durven daar niet voor uit te komen. En ikzelf heb ook lang verborgen gehouden dat ik psychosegevoelig ben. Ik zou willen dat het ooit anders is. Dat we in een samenleving leven, waarin niemand schroom moet voelen om te vertellen over psychische problemen en waarin iedereen kan rekenen op begrip.

Vijf jaar geleden ben ik bijna hervallen. Ik nam minder medicatie omdat ik zwanger was en toen kreeg ik een misval. Ik begon opnieuw zaken onterecht met elkaar in verband te brengen. In samenspraak met mijn psychiater heb ik thuis kunnen herstellen, met de steun van mijn man en vrienden. In die periode beviel een vriendin van mij van een tweeling. Ze vroeg om mijn hulp en ik nam mee de zorg op voor haar te vroeg geboren kinderen. Dat heeft zeker bijgedragen tot mijn herstel. Ik ben geen mama kunnen worden, maar voor haar kinderen ben ik wel moema Lies. Ik prijs mij gelukkig dat ik zo’n groot deel van mijn netwerk heb kunnen behouden. Want mee dankzij hen heb ik weer zin gekregen in het leven.

Hoop geven aan anderen

Sinds twee jaar ben ik ervaringswerker in het psychiatrisch ziekenhuis Sint-Annendael.  Het was mijn droom om dat wat lotgenoten voor mij betekend hebben, terug te geven aan anderen. Met mijn verhaal wil ik hoop geven aan de patiënten. Daarnaast wil ik ook meebouwen aan een betere geestelijke gezondheidszorg. Ik voel me goed hier, omdat het ziekenhuis al redelijk herstelgericht werkt. Patiënten worden niet in hokjes geplaatst. Er wordt naar hen geluisterd, doelen worden gesteld en er wordt verbinding gezocht. Dat is volgens mij het meest heilzame wat je als zorgverlener kunt doen.

Vandaag word ik nog altijd opgevolgd door een psychiater en een psycholoog. Die omkadering blijf ik nodig hebben om herval te voorkomen. Ik let op mijn rust en mijn slaap, en probeer open over mijn gevoelens te spreken. Ik voel me nu al enige tijd veel beter en ik straal dat ook meer uit. Door wat ik meegemaakt heb, leef ik veel bewuster en leg ik op een veel intensere manier verbinding met anderen. Ik voel ook geen schroom meer om over mijn kwetsbaarheid te spreken. En ik zoek ook  niet meer achter het waarom van wat gebeurd is. Mijn kwetsbaarheid heeft me gemaakt tot wie ik vandaag ben. Het is een deel van mij, maar ook niet meer dan dat.

Geestelijke gezondheidszorg

‘Het komt goed, hoe moeilijk het ook is’

Een jeugdtrauma liet bij Sylvie diepe sporen na en vormde de aanleiding voor heel wat psychisch leed. Toch slaagde ze erin om haar droom van een eigen gezin te verwezenlijken en om te herstellen. Vandaag geeft ze anderen moed met haar verhaal.

Ik praat liever niet over wat ik in mijn jeugdjaren heb meegemaakt, maar daar is alles mee begonnen. Als tiener al kreeg ik last van depressieve stemmingen. De school interesseerde me niet en thuis was ik stil en teruggetrokken. Ik ging wel naar een psycholoog en als ik bij haar was, bloeide ik open. Maar nadien had ik het weer moeilijk. Ik ben geen open boek, en ik heb ook nooit geleerd om te praten.

Op mijn twintigste ben ik gecrasht. Het verleden kwam ineens erg dichtbij. Toch ben ik blijven doorgaan, omdat ik vond dat het moest. In 2003 ben ik getrouwd met mijn huidige ex-man. Samen kregen we een dochter en een zoon. Mama worden was voor mij een openbaring. Mijn kinderen zijn mijn alles. Ik wil hen de jeugd en toekomst geven die ik zelf nooit gehad heb.

Tijdens mijn huwelijk heb ik gelukkige momenten gekend. Maar het verleden speelde altijd in mijn achterhoofd. Ik heb enigszins aanvaard wat er is gebeurd, maar sommige zaken kan ik niet vergeven.

Stemmen

In 2008 ben ik gescheiden. Dat was een goede beslissing, maar het bleek de druppel te veel die de emmer deed overlopen. In februari 2009 kreeg ik mijn psychose. Ervoor waren er al wat symptomen, maar daar stond ik niet bij stil. Ik begon stemmen te horen, eerst heel subtiel. Bijvoorbeeld van mijn bomma die overleden is. Op een dag, tijdens een opleiding, hoorde ik ineens enorm veel stemmen tegelijk. Ik was zo in de war en wist niet wat te doen. Ik vertrok met de auto, terwijl de stemmen me opdroegen hoe ik moest rijden en me waarschuwden dat er slechte dingen zouden gebeuren als ik hun instructies niet volgde. Na een omweg kwam ik aan bij een kameraad die onmiddellijk zag dat ik psychotisch was. Hij belde mijn moeder en de ambulance. Dat was het begin van mijn opname.

In het ziekenhuis begon de zoektocht naar medicatie die zou werken bij mij. Mijn psychose was er een met alles erop en eraan: ik kon niet alleen dingen horen, maar ook ruiken, proeven, zien en voelen. Ik heb veel schrik gehad, dat wil ik nooit meer meemaken. In het ziekenhuis kwam ik tot rust, maar de stemmen bleven. Het deed me pijn dat ik er niet kon zijn voor mijn kinderen. Gelukkig zijn zij heel goed opgevangen geweest door mijn moeder en mijn nicht. Ik heb veel steun gehad van hen.

Structuur

Na drie maanden keerde ik terug naar huis. Dat was misschien te vroeg, maar mijn moeder kon het niet langer aan om én de kinderen op te voeden én elke dag de afstand naar het ziekenhuis af te leggen. Als voorwaarde voor mijn ontslag moest ik dagtherapie volgen en dat heb ik ook twee jaar gedaan. De therapie deed me deugd, het gaf structuur aan mijn dag en ik heb er veel geleerd. Het heeft nog anderhalf jaar geduurd vooraleer de stemmen verdwenen. Dat was een lastige periode.

Naar hulpverleners toe heb ik mij nooit helemaal opengesteld, totdat ik bij Sint-Annendael terechtkwam voor ambulante opvolging door een psychiater en psycholoog. De psycholoog heeft mij de ogen doen opengaan. Tegen haar heb ik al meer in de diepte kunnen vertellen over de problemen uit mijn jeugdjaren. En daarrond hebben we ook hard gewerkt.

Mijn diagnose is dat ik gevoelig ben om een psychose te krijgen. Daarom zal ik mijn leven lang medicatie moeten nemen. Als ik mij minder goed voel of stress heb, merk ik dat de onrust toeneemt. Dan past mijn psychiater de medicatie aan. Ik heb ook een crisisplan dat aangeeft wanneer we moeten ingrijpen. Zo heb ik twee jaar geleden een klein herval meegemaakt, waarvan ik snel hersteld ben.

Houvast

In al die tijd is mijn familie mijn houvast geweest. Als ik geen kinderen had gehad, had ik hier misschien niet gestaan. Ik heb gevochten om voor hen te kunnen zorgen. En ik ben ook dankbaar dat mijn ex-man dat toegelaten heeft. Mijn kinderen zijn mijn krachtbronnen, samen met mijn familie en de hulpverlening. En uiteraard is mijn vrouw, met wie ik nu vijf jaar getrouwd ben, een enorme steun. Naar haar toe kan ik open zijn. Zij merkt ook meteen als er iets is. Samen proberen we de kinderen goed te omkaderen. We moedigen hen aan om te praten als er iets scheelt. Zelf heb ik altijd alles opgekropt en ik wil niet dat zij dat doen, omdat ik weet wat voor een slecht gevoel dat geeft.

Thuiskomen

Sinds begin 2019 ben ik vast in dienst bij Sint-Annendael als ervaringsmedewerker. Daarvoor was ik hier al enkele jaren vrijwilliger. Voor mij is het hier als thuiskomen. Ik ben hier graag, omdat ze altijd blijven groeien in hun aanpak en nadenken hoe ze patiënten en familie nog beter kunnen helpen en betrekken. Dit is een droomjob voor mij, omdat ik lotgenoten wil helpen. Door aan hen mijn verhaal te vertellen, probeer ik hoop op herstel mee te geven. Het komt goed, hoe moeilijk het ook is. En je kunt hervallen. Maar het herstel, dat blijft.

Ik heb geen compassie met mezelf omwille van wat ik heb meegemaakt. De psychose heeft me gemaakt tot wie ik nu ben. Ik heb nadien beslist om mijzelf voortaan op de eerste plaats te zetten, in plaats van op de laatste. En ik ben veel opener geworden. Het heeft me ook wakker geschud: je moet doen wat je hart zegt dat je moet doen. En in mijn geval is dat anderen helpen met mijn verhaal.